VOORBIJ: Ukiyo-e

De mooiste Japanse prenten
vri 21-10-2016 - zon 05-03-2017
Wegens groot succes werd de tentoonstelling verlengd met drie bijkomende weekends (18 & 19/02, 25 & 26/02 et 04 & 05/03), GESLOTEN OP WEEKDAGEN.

Vanaf vrijdag 21 oktober 2016 kon in het Jubelparkmuseum terecht voor een prestigieuze tentoonstelling van Japanse prenten uit eigen bezit. Het was sinds 1989 geleden, in het kader van Europalia Japan, dat zo’n uitgebreide tentoonstelling werd georganiseerd voor eigen publiek. De tentoonstelling werd georganiseerd in het kader van de 150ste verjaardag van de diplomatieke betrekkingen tussen België en Japan.

De 416 meesterwerken die u te zien kreegt, onderstrepen de wereldfaam van de verzameling. Wegens de lichtgevoeligheid van de prenten en hun uitzonderlijk goede staat van bewaring werd sinds 19 december 2016 de eerste selectie vervangen door een tweede.

De tentoonstelling bracht een overzicht van de Japanse prentkunst vanaf de eerste stappen in zwart-wit (omstreeks 1720) tot aan de verderzetting van de traditie aan het begin van de 20ste eeuw. De nadruk ligt op de sublieme ontwerpen in polychromie (18de en 19de eeuw) die al aan het einde van de 19de eeuw de westerse verzamelaars en kunstenaars in vervoering brachten.  Hiervoor werd geselecteerd uit de Japanse prentencollectie van het Jubelparkmuseum zelf, die meer dan 7500 exemplaren telt en dankzij de grote hoeveelheid prenten in de oorspronkelijke kleuren, wereldfaam geniet.

Ter gelegenheid van de tentoonstelling Ukiyo-e en naar aanleiding van 150 jaar vriendschappelijke relaties tussen België en Japan, exposeerde de stripauteur en illustrator Dimitri Piot een 40-tal tekeningen en enkele vitrines met voorbereidende studies. Een aantal werken creëerde hij speciaal ter gelegenheid van 150 jaar vriendschappelijke en economische relaties tussen België en Japan.

De Japanse term ukiyo-e betekent letterlijk ‘afbeelding van de vlietende wereld’. De term vindt zijn oorsprong in het boeddhisme, waar de ‘vlietende wereld’ verwijst naar het aardse leven, gekenmerkt door lijden en vergankelijkheid. Mettertijd verdween die negatieve connotatie en werd de vlietende wereld synoniem voor een wereld van vluchtig genot. Vanaf de tweede helft van de 18de eeuw beeldden kunstenaars als Harunobu, Shunshô, Kiyonaga, Utamaro en Sharaku die uit in hun prenten van courtisanes (bijin-ga) en acteurs (yakusha-e), sterren van het uitgaansleven in Edo (het huidige Tokio). Iconische kunstenaars als Hokusai en Hiroshige vereeuwigden in hun landschappen het traditionele Japan, terwijl de prentkunst van het einde van de 19de eeuw verhaalt over de openstelling van Japan voor de buitenwereld en de daaruit voortkomende modernisering. Daarnaast kwamen ook specifieke thema’s aan bod zoals de luxueuze privé-uitgaven of surimono, de erotische prenten (shunga), de geraffineerde productie van Osaka (kamigata-e) en de nieuwe prentkunst aan het begin van de 20ste eeuw (shin-hanga).