De verzameling Nabije Oosten en Iran in detail

PARTHISCH-SELEUCIDISCHE PERIODE (323 v. Chr.-224 n. Chr.)

In 334 v. Chr. overschrijdt Alexander de Grote de Hellespont en verovert op korte tijd het Achaemeniedische rijk. Na zijn dood in 323 v. Chr. komen Iran, Mesopotamië en Noord-Syrië onder het gezag van de Seleucieden. Grieks is de officiële rijkstaal. In 238 v. Chr. scheurt de provincie Parthava zich af. Dit gebied ten oosten van de Kaspische Zee is genoemd naar de Parthen, een Iraanse volksgroep. Hun machtsuitbreiding ten koste van het Seleucidische Rijk bereikt een hoogtepunt onder Mithridates I (171-138 v. Chr.) en II (123-87 v. Chr.). De Eufraat vormt dan de grens met het Romeinse Rijk. De Parthen onderhouden diplomatieke kontakten met de Chinese Han en controleren de 'Zijderoute', de verbinding tussen het Verre Oosten en het Romeinse Rijk. Het feodaal georganiseerde Parthische Rijk eindigt in 224 n. Chr. met de opstand van Ardasjir, een lokale vorst in Fars (Zuid-Iran) die de Sassaniedische dynastie sticht.
De verzameling Iran omvat zegels, munten, juwelen en vaatwerk uit deze periode; Seleuciedische tabletten en Parthische ceramiek worden in de afdeling Nabije Oosten tentoongesteld.