Amerikaanse meelzakken uit de Eerste Wereldoorlog

Hulp van overzee

Tijdens WO I werd de hongerlijdende bevolking in ons land geholpen door de “Commission for Relief in Belgium”, die scheepsvrachten met meel en andere waren uit de USA liet overbrengen. Initiatiefnemer voor deze overzeese voedselbevoorrading was Herbert Clark Hoover (1874-1964) die aan de wieg stond van de CRB en later de 31ste president van de Verenigde Staten zou worden. Met een maandelijks budget van 12 miljoen dollar, verkregen via staatssteun en donaties (na soms ronduit pathetische oproepen in lokale kranten), verzamelde en verscheepte de organisatie voedsel en andere hulpgoederen naar ons door de Duitsers bezette land. In België werd voor de verdere distributie onder meer samengewerkt met het Comité National de Secours et d’Alimentation (CSA), dat enkele prominente figuren onder haar leden telde zoals Emile Franqui, Ernest Solvay, Emmanuel Jansen en de Brusselse burgemeester Adolphe Max.

Graanmolens en bloemzakken

Het belangrijkste deel van de goederen bestond uit meel, afkomstig van Amerikaanse graanmolens en verpakt in fijne katoenen zakken, elk met een eigen bedrukt opschrift en logo dat aangeeft door welke producent en in welke staat ze gevuld zijn. Zo geven ze een zeker inzicht in de graanindustrie in Amerika bij het begin van de oorlog als ook in de betrokkenheid van bepaalde molenaars bij de hulpverlening.  De zakken werden, eens geleegd, nauwlettend ingezameld – om oplichting of misbruik tegen te gaan – en opnieuw verdeeld aan kloosters en beroepsscholen, naaisters en kunstenaars, waar ze artistiek werden opgewaardeerd en/of herwerkt tot tafelkleedjes, een schortje, kussen of boekomslag, om vervolgens als geschenk en blijk van dankbaarheid aangeboden te worden aan mensen die een rol hadden bij de hulpoperaties. Zo ontving Herbert Hoover meer dan 300 versierde meelzakken, waarvan sommige beschilderd door Belgische kunstenaars, waaronder Jos Albert, Piet Van Engelen en Jean Brusselmans. Ze worden bewaard in het Memorial Library and Museum in Iowa.

Meelzakken in het Jubelparkmuseum:  het kunsthistorisch vervolg

Een typologisch onderzoek van dit textiel  laat toe na te gaan hoe een merk uitgewerkt werd in een merknaam, een logo, een beeld dat deze kracht bijzet, of korter: de meelzakken getuigen erg direct, hetzij fragmentarisch, over de imagebuilding van de meelproducenten en hoe ze zich positioneerden. Daarnaast wordt ook opvallend duidelijk hoe aanvankelijk zuiver functionele en weinig waardevolle katoenen weefsels een artistieke meerwaarde krijgen en ook een symbool worden van de Belgische dankbaarheid jegens de Amerikaanse weldoeners.
En hoe het komt dat het Jubelparkmuseum zich kan beroemen op een collectie van zo’n 58 Amerikaanse meelzakken? Zij werden aan het museum geschonken door mecenas en kunsthistorica Isabella Errera (1869-1929), die ze waarschijnlijk zelf in haar bezit kreeg  in de periode dat ze hielp bij de bevoorrading van Ukkel. De schenking was de laatste in een aanzienlijke reeks giften en bruiklenen door haar aan het museum, die nog steeds de kostbare kern en een belangrijk deel uitmaken van de textielcollectie van de KMKG.